Thuisonderwijs: ouders geven hun mening

De Swart Onderzoek en Advies heeft onderzoek gedaan naar de ervaringen van ouders met het thuisonderwijs. We horen veel van de docenten, van de scholen en andere deskundigen maar hoe hebben de ouders (en kinderen) deze bijzondere periode ervaren? Hieronder kunt u de inleiding en de samenvatting lezen van ons rapport.

© bureau DE SWART(De Knipe), 2020

Op de documenten van bureau DE SWART is copyright van toepassing. Indien u gebruik wilt maken van (onderdelen van) de tekst, kunt u contact opnemen met bureau DE SWART via info@ deswart.frl

Inleiding

In de periode van 14 april tot en met 29 april 2020 hebben ouders van verschillen basisscholen verspreid over Friesland deel kunnen nemen aan het onderzoek naar hun ervaring met thuisonderwijs, het gevolg van de verplichte sluiting van de scholen vanwege de Coronacrisis. De crisis dwong zowel scholen als ouders halsoverkop een nieuwe manier van lesgeven uitvinden: thuisonderwijs. In het onderzoek van De Swart Onderzoek en Advies konden ouders hun ervaring delen over onder meer de studiebelasting, de lesstof, communicatie en het gebruik van digitale leermiddelen.

De Swart Onderzoek en Advies heeft de resultaten samengevat en geanalyseerd (middels SPSS). Alle uitkomsten van de vragen zijn geanalyseerd op verbanden met opleidingsniveau, geslacht, thuissituatie, werksituatie en aantal kinderen waaraan thuisonderwijs wordt gegeven. Daarnaast zijn specifieke relaties bekeken, bijvoorbeeld tussen bezorgdheid over het niveau van de kinderen en het beheersen van de lesstof door de ouders. Daar waar statistische correlaties waren, zijn deze aangegeven in de resultaten. Soms was er wel sprake van een verband maar kon er geen statistisch verband worden aangetoond. Deze worden geduid in termen als ‘er lijkt een verband’. Ook zijn diverse grafieken opgenomen waarin de percentages overzichtelijk zijn weergegeven.

Samenvatting

In de periode van 14 april tot en met 29 april 2020 hebben ouders van verschillen basisscholen verspreid over Friesland deel kunnen nemen aan het onderzoek naar hun ervaring met thuisonderwijs, het gevolg van de verplichte sluiting van de scholen vanwege de Coronacrisis.

Ouders geven de scholen gemiddeld 8,1 voor de manier waarop ze het thuisonderwijs aangepakt hebben. Communicatie, digitale leermiddelen, oplossen van problemen en ondersteuning, scholen hebben dit goed opgepakt. Hoewel docenten licht lager scoren (8.0), geeft ruim de helft van de ouders (52%) aan dat de waarderering voor het vak van docent toegenomen door het thuisonderwijs. Een klein gedeelte van de ouders, 7%, overweegt zelfs een baan in het onderwijs! Daar tegenover staat dat het thuisonderwijs bij 15% van de mensen zo goed bevallen is, dat ze dit overwegen voor de toekomst.

Moeders zijn de grootste thuisonderwijzers, maar ook vaders en anderen worden ingezet. Ook lijken moeders beter te kunnen omgaan met de digitale wereld van het thuisonderwijs dan vaders. Thuisonderwijs geven vergt wel een grote tijdsinvestering: 84% van de gezinnen is er twee of meer uren per dag mee bezig, de meesten 3 tot 4 uur. Naarmate er meer kinderen thuisonderwijs krijgen, vinden ouders dat de school daar niet goed rekening mee houdt. Het is natuurlijk ook niet makkelijk om op meerdere niveaus les te moeten geven. Wat geen rol speelde, was de (gedwongen) werksituatie van de ouders of hun opleidingsniveau.

Kinderen gaan volgens de ouders over het algemeen goed om met het thuisonderwijs. Een ruime meerderheid van de ouders (80%) geeft aan dat het gezin de situatie met thuisonderwijs goed aankan. Zo’n 22% zegt negatieve effecten bij de kinderen te zien. Als dit het geval was, vinden de ouders zelf ook dat zij en het gezin last hebben van de situatie. Natuurlijk moet hier goed naar gekeken worden, maar het moet ook een opsteker zijn voor alle ouders en scholen dat de ruime meerderheid de afgelopen weken tot een succes heeft weten te maken.

Slechts eenderde van de ouders is bezorgd dat het niveau van hun kinderen in de afgelopen periode achteruit was gegaan. Ouders die hoogopgeleid zijn en ouders die thuis werkten zijn minder bezorgd hierover. Lager opgeleide ouders vinden het moeilijk om in te schatten of hun kinderen achterstanden hebben opgelopen. Opvallend, want beide groepen geven aan in dezelfde mate de stof goed genoeg te beheersen om thuisonderwijs te geven.